Over CAD

Delen:

Nieuws

12 JUN 2018

Mindyourtrip.eu - Informatie en online interventies over Nieuwe Psychoactieve Substanties (NPS)

Vandaag lanceerde de CAD Limburg samen met 13 andere Europese partners de web-based interventie 'MindyourTrip' voor jonge consumenten van Nieuwe Psychoactieve Stoffen (NPS).

De MindyourTrip Web-based Interventie (WBI) is het resultaat van het EU-project 'Click for Support - REALized'(2017 - 2018), dat werd gecofinancierd door de Europese Commissie via het werkprogramma 'The Internal Security Fund - Police | the Drugs Policy Initiative'.

Het project wordt gecoördineerd door Landschaftsverband Westfalen-Lippe - LWL-Koordinationsstelle Sucht. Mede-begunstigden in het project zijn 13 partnerorganisaties waaronder de CAD Limburg uit België, Oostenrijk, Cyprus, Finland, Duitsland, Griekenland, Italië, Letland, Luxemburg, Nederland, Portugal, Slowakije en Slovenië.

Het CfS-REALized-project bouwt voort op het vorige project 'Click for Support' (2014-2015), waarin richtlijnen voor effectieve webgebaseerde drugspreventie voor jongeren zijn ontwikkeld. Op basis van deze richtlijnen is nu een web-based interventie (WBI) ontwikkeld met de naam 'Mind Your Trip' voor jonge consumenten (14-25 jaar) van New Psychoactive Substances (NPS).

De relevantie van deze web-based interventie ligt in het problematisch fenomeen van nieuwe psychoactieve stoffen; hun onbekende effecten en risico's en een gebrek aan kennis bij (vooral jonge) consumenten, waardoor het risico op nadelige gevolgen voor de gezondheid en het welzijn toeneemt.

Deze WBI wil het bewustzijn over de risico's van NPS-gebruik onder jongeren vergroten door te verwijzen naar betrouwbare en geloofwaardige bronnen over NPS. Het belangrijkste is dat de WBI jongeren aanspoort om hun NPS-verbruik via de WBI te beoordelen en via de WBI hulp te krijgen om minder NPS te consumeren, stoppen of gebruiken, of NPS veiliger te gebruiken met aandacht voor de consumptiepraktijken. De website informeert ook over Harm Reduction en adviseert jonge consumenten over wat te doen in het geval van druggerelateerde noodgevallen (NPS). Ten slotte verwijzen de nationale websites naar mogelijkheden voor face-to-face hulpverlening op het gebied van drugs- of geestelijke gezondheid in de respectievelijke landen.

De 'Mind Your Trip'-website zal vanaf 12 juni 2018 online zijn in 10 talen: Nederlands / Vlaams, Duits, Fins, Frans, Grieks, Italiaans, Lets, Portugees, Sloveens en Slowaaks.

Doelgroep: Jonge NPS-gebruikers (14-25 jaar) in de 13 partnerlanden, waaronder België.

Doelstellingen: De WBI bevat algemene informatie over NPS, een zelftest en interventiemodules. De interventiemodules bestaan ​​uit een korte interventie rond inzicht in het eigen gebruik, een module rond veiliger gebruik en een gestructureerd programma om te stoppen of te minderen. Inhoud: De WBI bevat algemene informatie over NPS, een zelftest en interventiemodules. De interventiemodules bestaan uit een korte interventie rond inzicht in het eigen gebruik, een module rond veiliger gebruik en een gestructureerd programma om te stoppen of te minderen. De drie modules duren elk 30 dagen en worden online gecoacht door een professionele preventiewerker. 

www.mindyourtrip.eu

Voor meer informatie: www.clickforsupport.eu , www.cadlimburg.be

DFR

30 MEI 2018

Verkeren Vlaamse studenten in hogere sferen?

Iedere 4 jaar doet het Vlaams expertisecentrum alcohol en andere drugs (VAD)  een onderzoek naar het middelengebruik  bij Vlaamse studenten. Deze editie hebben voor het eerst alle Nederlandstalige hoger onderwijsinstellingen in Vlaanderen en Brussel deelgenomen en dat levert interessante resultaten op.

Kloppen de vooroordelen over studenten? Verkeren ze werkelijk in hogere sferen?

De onderzoeksresultaten bieden alvast een duidelijk, objectief en betrouwbaar beeld van het gebruik van studenten. Alcohol, cannabis en medicatie komen naar voor als meest gebruikte middelen en preventiecampagnes en –boodschappen voor studenten moeten zich daar zeker op richten. Andere illegale drugs worden door een zeer beperkte groep gebruikt, waardoor preventieve acties zich ook beter richten op die selectieve groep.  Voor het eerst werd ook naar het game- en gokgedrag van studenten gevraagd. Hieruit blijkt dat vooral een deel van de mannelijke studenten ooit gamet en gokt, maar dat slechts een klein groepje hier heel veel mee bezig is. Voor de details van de resultaten verwijzen we naar het rapport zelf, maar hier worden enkele opvallende gegevens opgesomd:

  • 63% van de studenten die in het afgelopen jaar alcohol dronken, dronk in de lesperiodes  minder dan de richtlijn van 10 standaard glazen per week (gemiddeld 3,3 standaardglazen). De overige 37% dronk echter gemiddeld 29,2 standaardglazen per week, wat ver boven de richtlijn ligt.
  • Ongeveer 84% van alle studenten geeft aan momenteel geen tabak te gebruiken.
  • 91,5% van de studenten geeft aan nog nooit stimulerende medicatie gebruikt te hebben om hun studieprestaties te bevorderen (niet gekaderd in een behandeling) en 3,9% van de studenten deed dat in het afgelopen jaar.
  • 23,8% van de studenten gebruikte het afgelopen jaar cannabis. (1% gebruikt dagelijks)
  • Meer dan 9 op 10 studenten gebruikte in het afgelopen jaar geen andere illegale drugs dan cannabis. XTC en cocaïne zijn daarin het meest gebruikt.

Onderzoek en onderzoeksresultaten kunnen een katalysator zijn voor veranderingen in de praktijk. In Limburg werkt de CAD Limburg al jaren actief samen met het hoger onderwijs binnen de stuurgroep sensibilisering van studenten met betrekking tot alcohol en middelengebruik. Vanuit deze stuurgroep werd een mobiele website ontwikkelend (stufv.be) waar preventieve boodschappen op maat van studenten worden geformuleerd. De onderzoeksresultaten uit “In Hogere Sferen” geven nieuwe inspiratie en bieden de mogelijkheid om vanuit een ‘social norms approach’ preventieve boodschappen vorm te geven en te integreren in STUFV. Een mooi voorbeeld van hoe een uitgebreid onderzoek, invloed heeft op het preventiewerk in de praktijk.

WBR

Bron: Van Damme, J. et al. (2018). 'In hogere sferen?’ - Volume 4: Een onderzoek naar middelengebruik bij Vlaamse studenten. Brussel: P. Van Deun

07 MEI 2018

Oost-Vlaamse Drugpunten bevroegen Vlaamse jongeren rond indrinken.

 

Indrinken, ook wel voor- of pré-drinken genoemd is een fenomeen waar weinig onderzoek naar is gedaan. Jongeren drinken alcohol, nog voor ze uitgaan, ook met de bedoeling om nadien het drinken verder te zetten bij het uitgaan. 

Vanuit de alcohol- en drugsector bestaat een toenemende bezorgdheid rond dit fenomeen. Acht Oost- Vlaamse  Drugpunten* namen het initiatief om, in samenwerking met het Vlaams expertisecentrum voor Alcohol en illegale Drugs (VAD), jongeren te bevragen via een online-survey.

Het onderzoek, gericht op jongeren tussen 12 en 26 jaar, liep tussen juli en november 2017. Uiteindelijk vulden 6733 jongeren de online vragenlijst in, meteen de eerste grootschalige bevraging over indrinken in Vlaanderen.

De resultaten

Wat vertellen de jongeren ons zelf?  90% van de bevraagde jongeren geeft aan ooit al alcohol te hebben gedronken. Dit percentage stijgt met de leeftijd, maar ook op jonge leeftijd is alcohol drinken al een feit. Bijna de helft van de 12 tot 13 jarigen heeft reeds alcohol gedronken. Hierbij dient wel te worden opgemerkt dat jongeren die (nog) geen alcohol drinken minder geneigd zullen zijn om aan een onlinebevraging over (in)drinken deel te nemen.

Kijken we specifiek naar het indrinken, dan blijkt 80% van wie ooit alcohol dronk, ook al te hebben ingedronken. Bij de 12 tot 15 jarigen is dit 30%, bij de 16 tot 17 jarigen 70% en bij de 18 tot 26 jarigen stijgt dit tot 90%.

Bij 80% van wie ooit heeft ingedronken, gebeurde dit ook de afgelopen maand en 70% hiervan geeft aan dit meestal of altijd te doen. 

Van de 12 tot 15-jarigen - waarvoor wettelijk geen alcohol beschikbaar zou mogen zijn - geeft 10% aan meestal of altijd in te drinken voor het uitgaan.

99% geeft aan dit enkel met vrienden te doen. Het indrinken gebeurt zo goed als altijd in een private, zelden gesuperviseerde setting, zoals thuis of bij vrienden. 

Meest populair bij het indrinken zijn pils (of andere lichte bieren) en sterke drank.  25% van wie indrinkt doet dit met sterke drank, zonder verschil in geslacht. Daarnaast  drinken mannen eerder in met lichte bieren en vrouwen met wijn. Uit de bevraging komt ook naar voor dat supermarkten en nachtwinkels de plaatsen bij uitstek zijn om aan de nodige alcohol te geraken. In de supermarkt worden alle categorieën alcoholische drank gekocht, in de nachtwinkel koopt men relatief vaker sterke drank en breezers/alcopops. Een opvallend gegeven is dat de nachtwinkel de favoriete aanschafplek is op een leeftijd waarop men alcoholische dranken niet mag kopen. Zo haalt 60% van de  min-16 jarigen hun sterke drank in de nachtwinkel. Ook in supermarkten koopt een behoorlijk aandeel van de minderjarigen alcohol.

Gevraagd naar het motief van indrinken geeft men vooral 3 redenen aan: voor de gezelligheid, omdat het goedkoper is en om in de stemming te komen.

Opvallend is dat hoe vaker men indrinkt, hoe kleiner de behoefte blijkt te zijn om dit minder te doen.  Bijna 90% van wie indrinkt, ervaart deze behoefte nooit..

Lokale aanpak vereist

Dit onderzoek bevestigt het vermoeden dat indrinken een wijdverspreid fenomeen is dat deel uitmaakt van de jongerencultuur. Indrinken heeft voor een deel van de jongeren een belangrijke sociale betekenis, maar vervat ook heel wat leeftijdsgebonden risico’s. Een leeftijdsspecifieke aanpak dringt zich dus op.

Het is belangrijk om in overleg met jongeren en betrokken actoren te zoeken naar bestaande en/of nieuwe interventies die bij jongeren ook de risico’s en negatieve gevolgen van indrinken in beeld brengen, als tegengewicht voor de gepercipieerde ‘voordelen’ (goedkoper, met vrienden in de stemming geraken).

Hoe dan ook is een geïntegreerde aanpak noodzakelijk, waarbij jongeren, ouders, horeca, eventorganisatoren én detailhandel mee betrokken worden. Het lokale niveau, dichtbij de jongeren en jongvolwassenen, is hierbij het meest aangewezen. Een dergelijke aanpak kan uitgewerkt worden met de ondersteuning van één van onze CAD-preventiewerkers. 

bron: www.drugpunt.be

12 MAA 2018

Onlinehulpverlening actief inzetten voor betere geestelijke gezondheid

Wetenschappelijk onderbouwde online tools zijn hulpmiddelen die steeds belangrijker worden in de behandeling van psychische problemen. Deze online tools worden door Vlaams minister Jo Vandeurzen ondersteund om de geestelijke gezondheid te verbeteren en de geestelijke gezondheidszorg te versterken. Eén van de recentste online hulpmiddelen is www.depressiehulp.be.

‘Fit in je hoofd, Goed in je vel’ voor iedereen

Voorbeeld van een online module waar de Vlaming zelf mee aan de slag kan, is ‘Fit in je Hoofd, Goed in je vel’ van het VIaams Instituut Gezond Leven. Aan de hand van 10 stappen, zoals ‘gun jezelf rust’, ‘praat erover’ en ‘hou je hoofd boven water’ kan iedereen eenvoudige en leuke oefeningen maken om steviger in het leven te staan. Het online coaching platform www.fitinjehoofd.be bevat eveneens een test waarmee de gebruiker kan onderzoeken hoe het met zijn/haar veerkracht is gesteld. Op basis daarvan wordt advies op maat aangeboden en worden specifieke opdrachten en oefeningen aangeboden. Het instrument is vooral bedoeld voor mensen die zich goed in hun vel voelen en dit gevoel willen vasthouden of voor degenen die in een dipje zitten en zichzelf willen versterken. Wiens veerkracht laag is, wordt doorverwezen naar professionele hulpverlening. Naast de website bestaat er nu ook een mobiele app die verbonden is met je persoonlijke profiel op de website.

Voor jongeren

Voor de jongeren tussen 12 en 16 jaar is de website www.noknok.be pas vernieuwd. Het is dé site voor jongeren die zich goed in hun vel willen voelen. Jongeren kunnen hun veerkracht versterken aan de hand van info, opdrachten en tips. ‘Hoe bouw je een positief zelfbeeld op?’, ‘hoe stel je grenzen?’, ‘hoe zoek je steun bij vrienden en op welke manier ontspan je je?’, zijn de ’kernvragen waarop ze een antwoord krijgen. De website moedigt jongeren ook aan om te praten over hun problemen. Op de NokNok-wall kunnen de jongeren via een eigen ‘avatar’ hun verhaal delen met anderen.

Uit de pilootstudie bij Vlaamse jongeren blijkt dat de website in de smaak valt en dat ze het waarderen om hun verhaal te kunnen delen.

Voorkomen van zelfdoding: Think Life

De zelfhulpcursus Think Life is een relatief nieuwe tool binnen het Vlaams Actieplan Suïcidepreventie. Think Life heeft als doel mensen beter te leren omgaan met zelfmoordgedachten. De cursus is opgebouwd uit zes modules die zelfstandig en in eigen tempo doorlopen kunnen worden. De online zelfhulpcursus werd oorspronkelijk ontwikkeld aan de Vrije Universiteit Amsterdam en werd door het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie (VLESP) aan de Universiteit Gent aangepast voor gebruik in Vlaanderen.

 

Meer informatie over Think Life is te vinden op thinklife

 

Voorkomen van depressies: depressiehulp.be

www.depressiehulp.be bestaat uit drie delen. Ten eerste is er een informatiegedeelte: hier worden burgers geïnformeerd over wat depressie is door middel van informatie over de herkenbare kenmerken, een zelftest en positieve herstelverhalen van mensen die een depressie hebben overwonnen. Er worden mogelijkheden voor herstel aangereikt en ook de omgeving van mensen met depressie kan er terecht voor info.
Ten tweede is er de online begeleidingsmodule voor cliënten die reeds in begeleiding zijn in een CGG. Deze vorm van begeleiding vervangt enkele face-to-face gesprekken bij de psycholoog of therapeut. De begeleidingsmodules die een cliënt doorloopt worden wel opgevolgd door een hulpverlener. Hersteldeskundige Tanja verwoordt het als volgt: “De rol van de hulpverlener blijft heel belangrijk, maar de dingen die cliënten zelf in handen krijgen waardoor ze sterker worden en voelen dat ze zelf iets hebben gerealiseerd, is ook heel belangrijk. Dat maakt deel uit van het herstelgericht denken waar ik sterk in geloof.”
Tot slot is er het online zelfhulpprogramma, hiermee kunnen mensen met depressieve gevoelens zelfstandig aan de slag.

De website depressiehulp.be kreeg sinds de lancering in januari 2017 tot nu ongeveer 81.000 bezoekers, er waren in die periode iets minder dan 200 aanmeldingen voor de zelfhulp en 260 blended begeleidingen (combinatie van onlinehulp met face-to-face-begeleiding) werden opgestart. Bij online zelfhulp bij depressieve klachten rapporteren onderzoeken zeer uiteenlopende resultaten. Bij geselecteerde groepen die 'lichte' klachten vertonen kunnen tot 60% van de deelnemers verbetering vertonen.

Verslavingszorg: een waaier van instrumenten

Alcoholhulp (en de verwante websites) bieden informatie, zelftests, publieke fora, online zelfhulp en online begeleiding met een professionele hulpverlener.

  • Alcoholhulp.be in 2017: meer dan 1 miljoen bezoekers
    Hierbij waren er 1.322 aanmeldingen voor de zelfhulp, 677 voor de begeleiding en 119 blended begeleidingen werden opgestart.
  • Cannabishulp.be in 2017: 110.788 bezoekers
    114 aanmeldingen voor de online begeleiding.
  • Drughulp.be in 2017: 62.000 bezoekers
    65 aanmeldingen voor de zelfhulp en 92 voor de begeleiding.
  • Gokhulp.be in 2017: 116.376 bezoekers
    Bij Gokhulp 200 aanmeldingen voor de zelfhulp en 80 voor de begeleiding.

Naast de talrijke bezoekers blijkt Alcoholhulp ook doelgroepen te bereiken die ondervertegenwoordigd zijn bij de klassieke hulpverlening, namelijk vrouwen (50% van de deelnemers), werkenden, hoger opgeleiden en 50-plussers.

Bij de online hulpverlening wordt gebruik gemaakt van een behandelprogramma met een dagboek om het eigen gebruik te registreren, een reeks oefeningen om de zelfcontrole te vergroten en een afgeschermd forum waarin deelnemers anoniem met elkaar contact kunnen hebben. Een aantal voordelen hierbij zijn de lage drempel (anonimiteit), de 24/7 beschikbaarheid, thuis aan de slag kunnen, ruimere mogelijkheid tot zelfreflectie en ondersteuning door een hulpverlener en andere deelnemers.

Wat alcoholproblemen betreft blijkt uit internationaal onderzoek dat online zelfhulp effectief kan zijn voor 15 à 30% van de deelnemers. Dat is relatief gezien een goed resultaat, omdat de investering in dergelijke interventies eerder klein is omdat er geen personeelskosten mee gemoeid zijn. Online hulp met begeleiding door een hulpverlener is tweemaal zo effectief dan zelfhulp en de resultaten blijven nadien ook beter aanhouden.

Een beperkt onderzoek bij Alcoholhulp liet zien dat bij deelnemers, die een volledig traject met online begeleiding volgden, het alcoholgebruik significant daalde van gemiddeld 36 glazen per week tot gemiddeld 6 glazen. Bijna 50% van deze deelnemers stopte volledig met drinken.

Bron: Kabinet Vandeurzen

02 FEB 2018

Kickwise.be een online tool voor vroeginterventiewerkers en begeleiders in de jeugdzorg

Vanuit het werkveld ( bijzondere jeugdzorg –samenwerkingsverband Drugslink, netwerk kinderen en jongeren LIGANT, de KPC’s) kwam de vraag naar methodieken om met jongeren te werken rond probleembesef in verband met alcohol- en druggebruik. Daarnaast concludeerden we uit het best practices onderzoek van het project Click for Support dat bestaande online programma’s niet altijd geschikt zijn voor jongeren. Er was een duidelijke nood aan meer aanbod op maat van jongeren.

Via de projectoproep (2016) van Flanders’ Care voor incentives onlinehulp realiseerden de CAD Limburg in samenwerking met CGG Kempen Kickwise.be voor vroeginterventie en jeugdhulp.

Het projectverloop

Binnen het bestaande CGG- hulpverleningsaanbod vroeginterventie (VI) wordt met jongeren gewerkt rond probleembesef als het gaat om alcohol en druggebruik. Binnen dit VI-traject wordt daarom gebruikt gemaakt van een aantal methodieken om jongeren rond gebruik te informeren en te doen reflecteren. Het uitgangspunt van de projectaanvraag was om een aantal van deze methodieken online te vertalen en bruikbaar aan te bieden aan vroeginterventiewerkers en begeleiders binnen de jeugdzorg. Het project werd goedgekeurd en liep van 1 januari tot 31 december 2017.

Als eerste stap van het project maakten vroeginterventiewerkers en preventiewerkers een voorselectie van een aantal methodieken die we online wilden vertalen. Aan de hand van een aantal focusgroepen bestaande uit de doelgroep werd de selectie verfijnd en verzamelden we feedback naar content, vormgeving, taal, enz.

In een tweede fase van het project werden de online methodieken ontwikkeld en vervolgens opnieuw getest in focusgroepen; groepen vroeginterventie, groepen jongeren binnen voorzieningen bijzondere jeugdzorg. Dit bleken zeer waardevolle oefeningen te zijn die heel wat bruikbare feedback opleverde naar bruikbaarheid en mogelijke bijsturing. Op die manier werden de laatste aanpassingen doorgevoerd en kreeg het aanbod ook een naam: www.kickwise.be

De website en de methodieken

Uiteindelijk bevat de responsive website die ook makkelijk hanteerbaar is op smartphones en tablets vier methodieken: drugpiramide, drugbalans, drugkwis en verhalen van jongeren.

De drugpiramide verklaart aan de hand van een aantal filmpjes het verloop van gebruik in de verschillende fases. Onder begeleiding kunnen jongeren de filmpjes bekijken, hun indrukken reflecteren en nadien enkele bijkomende vragen beantwoorden. De filmpjes werden samen met jongeren die school lopen op de Kunsthumaniora van Hasselt uitgewerkt.

De methodiek drugbalans gaat dieper in op de voor- en nadelen die jongeren ervaren bij gebruik. Uit een lijst van voor- en nadelen kunnen jongeren een selectie maken waarna een virtuele balans zich in beweging zet. Nadien wordt aan de jongere gevraagd om de vier voornaamste voor- en nadelen te selecteren en er ook een persoonlijk gewicht aan te geven. Nadien zet de balans zich opnieuw in beweging en kan er dieper ingegaan worden op het resultaat. Een aantal bijkomende vragen zetten de jongere vervolgens verder aan om stil te staan bij zijn voor- en nadelen en mogelijk alternatief gedrag.

De methodiek drugquiz bevat een gemiddelde kennistest van 12 vragen die preventiewerkers en vroeginterventiewerkers regelmatig gebruiken om aan psycho-educatie te doen. Per vraag kan er door de begeleider dieper ingegaan worden op het product of thema. Op het einde van de quiz wordt een score weergegeven.

De laatste methodiek verhalen is een methodiek waarin jongeren zich vaak herkennen en de website toegankelijk maakt voor de doelgroep.

Voor begeleiders binnen de jeugdzorg en voor vroeginterventiewerkers is er ook een korte handleiding te vinden op de website die het gesprek met de jongere nog wat meer kan voeden.

Toepasbaarheid en bekendmaking

De website werd op 15 december 2017 voor een eerste keer ruimer bekendgemaakt aan de partners van CGG Kempen en CAD Limburg binnen de jeugdzorgsector. De aanwezige veldwerkers en begeleiders vonden de website “instant” bruikbaar.

De volgende maanden zal breed gecommuniceerd worden rond het bestaan van de website en zal ze op verschillende overlegtafels binnen de sector en onze netwerken voorgesteld worden.

Met de website kickwise.be hopen we een bruikbare tool te bieden aan iedereen die vanuit zijn professionele opdracht wil werken rond het probleembesef bij jongeren rond alcohol- of druggebruik.

Meer info:

www.kickwise.be
David Fraters
Preventiewerker CAD Limburg
d1838916406a638168263v879032495i1294879118d1814909260.923389981f1142586161r592161047a420937951t1854681396e1491593594r1826791882s324579312@2034477389c1618704977a1140149491d1414862928l256551435i950947799m1935840007b816103657u721908131r56797576g430658442.1027542686b1611040953e1868113724

Bianca Vrolix
Vroeginterventie CAD Limburg
b458719737i1262800584a1219668448n1809789228c954233343a1857836712.541338075v101628813r1525262324o1464728056l1244214975i2117423371x1885666008@951412723c1461533317a1564974242d1275992035l1348527058i1036195571m268657878b615906339u1292747006r1219605678g404262698.2108850663b1941513809e461060274

04 JAN 2018

Ook Rebootkampen in 2018!

Vanuit het departement Cultuur, Jeugd en Media vernamen we afgelopen maand het positieve nieuws dat we in 2018 opnieuw kunnen rekenen op subsidies voor het organiseren van Rebootkampen voor gamers. Samen met het Vlaams expertisecentrum voor alcohol, illegale drugs, psychoactieve medicatie, gokken en gamen (VAD) zullen we de coördinatie opnemen van Reboot voor het werkjaar 2018.

Na de twee succesvolle edities die we in 2017 organiseerden voor jongeren uit heel Vlaanderen, voeren we enkele aanpassingen door voor de Rebootkampen in 2018. Zo zullen we samen met andere organisaties uit andere provincies verschillende kampen organiseren. Zo zijn we in de mogelijkheid om meer jongeren te bereiken en kunnen we een uitrol van het concept over heel Vlaanderen organiseren.
Deelnemers van de kampen zullen steeds uit dezelfde provincie komen waardoor de afstand letterlijk kleiner wordt om nadien contact te houden en samen activiteiten te ondernemen.

Concreet organiseren we een eerste kamp in de tweede week van de paasvakantie (9 april – 13 april) met als verblijfplaats Hoeve Genemeer in Beringen. Ook tijdens dit kamp ligt de focus op het anders invullen van vrije tijd en offline contact met leeftijdsgenoten. Onze doelgroep bestaat uit jongeren tussen 15 en 18 jaar die risicovol of problematisch gamen.

Er zullen telkens slechts 10 beschikbare plaatsen voor het kamp.

Meer info over de andere betrokken organisaties, de bijhorende kampdata  en een nieuwe website volgt later.

Voor meer informatie over het aanbod kan je contact opnemen met Dimitri Das op 011 27 42 98 of d392025457i821572847m2072101227i112655533t1280292584r1187418164i1332323982.942598164d2141651507a1042677046s1483936240@95796672c420455722a801180648d1340011647l390395445i539363008m143940722b1851928762u2104337250r1419932758g1052972172.993049173b1688590636e1668878511

DDA