Over CAD

Delen:

Nieuws

30 AUG 2017

Werken rond gamen in de klas, hoe doe je dat?

 

Tablets, smartphones, computers... ze zijn niet weg te denken uit de Vlaamse huiskamer. Kinderen en jongeren komen er dan ook al vroeg mee in aanraking. Gamen is dan ook een leuk tijdverdrijf. Toch is het van belang om jongeren bewust te maken van hun gamegedrag en hen er op een verantwoorde manier te leren gamen.

Met Vlucht naar Avatar werk je met leerlingen uit het 5e en 6e leerjaar rond het thema gamen. Onderzoek wijst uit dat het pakket leerlingen daadkrachtiger maakt en hen leert om op een bewuste en verantwoordelijke manier te gamen. Met 6 lessen sluit je aan bij de leefwereld van je leerlingen en verwerft de volledige klas basiskennis over het thema. Ook leerlingen die niet gamen worden actief betrokken

Hoe ziet Vlucht naar Avatar er uit?

Vlucht naar Avatar bestaat uit een leerkrachtenhandleiding, een kant-en-klare leerlingenbundel en een digitaal spelbord. Je kan het gratis downloaden of bestellen via vad.be. Dit vind je in het lespakket:

  • Een zelftest over eigen gamegedrag, een interview met ouders en een klassikale reflectie zetten leerlingen aan het denken. Door ouders te betrekken worden ook zij gestimuleerd om na te denken over afspraken thuis over gamen.
  • Hoekenwerk waarmee de leerlingen basiskennis verwerven. Ze ontdekken soorten games, voor- en nadelen, redenen om te gamen en de motieven van de game-industrie.
  • Een digitaal bordspel met kennisvragen, doe-opdrachten en tips waarmee de leerlingen op een leuke manier de opgedane kennis herhalen en ontdekken ze tegelijkertijd tips om op een verantwoorde manier te gamen.
  • Afspraken thuis over gamen komen aan bod met een rollenspel. Ook wordt de vrijetijdsbesteding van de leerlingen onder de loep genomen. Hoeveel plaats neemt gamen in? Ze stellen een weekschema op en proberen het te volgen.
  • Zijn er leerlingen die gamen om weg te vluchten van de realiteit? Dan kan je nog de optionele les geven en daarbij stilstaan.

Het mooie hierbij is dat je zelf geen game-expert hoeft te zijn!

Onderzocht en goed bevonden!

Vlucht naar Avatar resulteert in:

  • Een stijging van de kennis over gamen.
  • Een daling in de duur die jongeren mogen gamen van hun ouders.
  • Een daling van de gemiddelde game-tijd op een weekdag.
  • Een stijging van het hebben van afspraken rond gamen.
  • Een lichte stijging van het hebben van inspraak bij afspraken rond gamen.

Doordat ouders betrokken worden, wordt thuis communicatie over het thema gestimuleerd. Wat een positief effect heeft op de afspraken thuis en op de game-tijd.

Gebruik je dit pakket samen met de ouderavond Als kleine kinderen groot worden, dan betrek je de ouders nog meer, met zo nog mooiere resultaten!

Meer weten?

Voor meer info kan je terecht bij preventiewerkers van de CAD Limburg.

 

bron: VAD

04 JUL 2017

Stoppen met gokken

Steeds meer personen komen in de problemen door te gokken via het internet en/of het afsluiten van weddenschappen. Maar ook de bingo-toestellen in cafés, automaten in speelautomatenhallen en casinospelen vormen regelmatig aanleiding tot overmatig spelgedrag.

Zo’n twee procent van de volwassen bevolking ervaart problemen door hun gokgedrag, dat zijn samen 173.000 Belgen. Verhoudingsgewijs is er heel weinig maatschappelijke aandacht voor personen met een gokstoornis. De onbekendheid met dit probleem zorgt voor een stigma, iemand met een gokprobleem wordt in het algemeen nog minder begrepen dan iemand met bijvoorbeeld een alcoholprobleem. Toch zijn het ontstaan, de evolutie en de gevolgen van een gokstoornis vergelijkbaar met een stoornis in middelengebruik.

Spelenderwijs, met af en toe ook wel winervaringen, geraakt men verslingerd aan het spel. De ‘kick’ tijdens het spel (‘win!’ en ‘bijna-win!’) of de ‘cocon’ waarin men even vertoeft doordat de focus totaal op het spel gericht is, kan als erg aantrekkelijk ervaren worden. In de hersenen gaan vrijgekomen ‘stofjes die je een gelukkig gevoel geven’ en/of ‘stofjes die onmiddellijk voor een stressdaling zorgen’, een steeds grotere rol spelen. Hierdoor zoekt de gokker het gokspel steeds vaker op. Om het gewenste effect te bereiken, gaat hij/zij ook met steeds hogere inzetten risico nemen. Na verloop van tijd wordt het steeds moeilijker om niet te gokken, ook al wilt men minderen/stoppen omwille van toenemende nadelen. Gokken is dan niet meer zo vrijblijvend als men zou willen. Wie veel geld verloren heeft, schaamt zich hierover. En vaak blijft men ook erg lang verder gokken om verliezen proberen goed te maken. Zo ontstaan er nog meer problemen: financieel, relationeel en psychisch, maar ook gezondheidsklachten kunnen ontstaan door de hoge stress. Om dit niet te moeten ervaren, dreigt men steeds meer te vluchten in gokgedrag. Zo kan het een hele tijd verder gaan. Schaamte bij de gokker en onbegrip voor het probleem bij anderen, maakt ook dat hulp zoeken niet evident is.

Gokgedrag onder controle

Toch kan hulp bijdragen om je gokgedrag onder controle te krijgen. Bij de CAD Limburg kan je vanaf 9 oktober 2017 een cursus ‘STOPPEN MET GOKKEN’ volgen.10 weken lang, op maandagavond van 18u30 tot 20u.

Via deze cursus krijg je meer inzicht in aspecten die een rol spelen bij een gokprobleem. En je leert hoe je je gokgedrag onder controle ka krijgen.

Heb je interesse of heb je vragen: neem contact op : 011/27 42 98.

Meer info

20 JUN 2017

Jaarverslag 2016

Vanuit maatschappelijk engagement met kracht, moed en inzet specialistische zorg bieden in een veranderend zorglandschap.

Het aantal cliënten dat hulp zocht bij de CAD Limburg voor zijn of haar verslaving is in 2016 weer gestegen en dit tot 3344 cliënten.

Medewerkers staan voor de uitdaging om vlot, laagdrempelig en zo vlug mogelijk op de hulpvraag in te gaan. Korte wachttijden zijn daarbij essentieel om de instroom en de zorgcontinuïteit samen met onze zorgpartners te garanderen. Toenemende instroom zet druk op ons streven om de wachttijd zo kort mogelijk te houden.

De feedback van ervaringsdeskundigen leert ons bovendien dat het zo vaak opnieuw hun verhaal moeten doen hun het meeste stoort als ze hulp zoeken. De CAD Limburg en de partners in de geestelijke gezondheidszorg staan voor de uitdagingen om hun zorg zo te organiseren dat ook hier gepast en efficiënt aan tegemoet wordt gekomen.

Het samenwerken in netwerken met integrale en geïntegreerde zorgcircuits maakt een zorgaanbod op maat en over meerdere levensdomeinen mogelijk en garandeert de essentiële zorgcontinuïteit. Toch zal de uitdaging niet alleen op zorg-organisatorisch niveau liggen. Herstelgerichte zorg en vermaatschappelijking van de zorg botsen op maatschappelijke dynamieken zoals stigmatisering. Sociaal isolement en armoede vormen een bedreiging voor het herstel van de doelgroep waar wij mee werken.

In 2016 exploreerden we met medewerkers en stafleden de vele uitdagingen en nieuwe perspectieven in de verslavingszorg. “Inkanteling” van de verslavingszorg in een zich vernieuwende geestelijke gezondheids- en welzijnszorg biedt nieuwe perspectieven.
De CAD zal, trouw aan de eigen missie en visie, vanuit maatschappelijk engagement, krachtig en moedig waar nodig, en vooral met volgehouden inzet, mensen met verslavingsproblemen de gepaste zorg blijven bieden. De kracht van vernieuwende dynamieken in zorg- en welzijnsbeleid is daarbij onze bondgenoot.

Ik dank onze vele partners die in deze zorgopdracht met ons samenwerken, onze bestuursleden maar vooral onze medewerkers die, met grote betrokkenheid en engagement, de concrete zorg elke dag waarmaken.

Geert Vanham
Directeur CAD Limburg

Lees meer over onze werking in ons Jaarverslag van 2016

17 MEI 2017

Tournée Minérale: 8 op de tien deelnemers dronk geen druppel alcohol

De eerste editie van Tournée Minérale , een maand zonder alcohol, ligt al even achter ons. De UGent voert een uitgebreid onderzoek uit naar de effecten van de campagne. Eind dit jaar zal dat evaluatieonderzoek volledig afgerond zijn. De eerste resultaten werden vandaag door de VAD/ De Druglijn en de Stichting tegen Kanker bekend gemaakt.

Bij de start van de campagne nam UGent een eerste online enquête af onder de deelnemers, om de alcoholgewoonten en –attitudes vóór de actie vast te leggen. Begin april werd een nieuwe enquête gelanceerd die onder andere naging hoe het drankgebruik van de deelnemers eruitzag tijdens Tournée Minérale. In september zal er een derde en laatste enquête volgen, om te weten te komen of de deelnemers ook op langere termijn anders met alcohol omgaan. Van de 122.460 deelnemers die zich via de website op Tournée Minérale hadden ingeschreven, vulden 19.192 deelnemers de tweede enquête in (dat is iets meer dan 15%).

De drie meest gemelde voordelen waren: zich beter in zijn vel voelen, beter slapen en meer energie in de vrije tijd hebben. 

8 op 10 dronk geen alcohol

De campagne moedigde de mensen aan om 28 dagen lang geen alcohol te drinken. Het onderzoek toont aan dat het merendeel van de deelnemers daar ook volledig voor gegaan is: 80% van de deelnemers heeft de volledige maand februari geen druppel alcohol gedronken. De overige 20% heeft of af en toe toch gedronken, of op een gegeven moment volledig opgegeven.

Alternatieven voor alcohol vielen in de smaak

Alternatieven voor alcohol die vooral in de smaak vielen waren deels voorspelbaar: meer water, frisdrank (light en gesuikerd), meer thee. Vernieuwend waren vooral de mocktails. Tournée Minérale heeft zeker haar steentje bijgedragen in de doorbraak van deze alcoholvrije drankjes: 4 op de 10 zei (veel) meer mocktails dan anders gedronken te hebben.

Sociale gelegenheden waren moeilijkste obstakel

De onderzoekers vroegen de deelnemers ook wanneer ze het moeilijk vonden om ‘nee’ te zeggen tegen alcohol. ‘Bij sociale gelegenheden’, zoals familie-etentjes, feestjes en recepties, was daarbij het meest aangeduide antwoord (44%). Sommige respondenten (37%) vonden het ook moeilijk om bepaalde gewoontes te doorbreken, zoals een glas wijn bij de maaltijd of een pint bier op vrijdagavond.

Deelnemers voelden zich gesteund door familie en vrienden

De meeste deelnemers kregen geen kritiek op hun deelname, en ‘gebrek aan steun’ was voor de meesten dan ook geen factor in het al-dan-niet slagen van de uitdaging. Integendeel, 40% voelde zich door hun vrienden en familie gesteund. Meer dan de helft van de deelnemers merkte ook op dat de campagne hen stimuleerde om met vrienden en familie over alcohol te praten.

86% van de deelnemers ziet het zitten om volgend jaar opnieuw deel te nemen.

Stichting tegen Kanker en VAD/De DrugLijn beloven dat ze er weer een interessante editie van gaan maken

bron: VAD

 

 

05 MEI 2017

Verslag van het eerste Rebootkamp voor gamers, Pasen 2017

Van maandag 3 tot en met vrijdag 7 april gingen onze twee game-experts, Huub Boonen en Dimitri Das, voor het eerst op kamp met risicovolle gamers. Vanuit hun ervaring in het werken met gamers, hun familie en eigen onderzoek werd dit kamp opgestart met als hoofddoel 'offline ervaringen aanbieden voor risicovolle gamers'.

De 9 ingeschreven jongeren begonnen wat schoorvoetend aan ons 5 dagen durend kamp. Gaandeweg konden ze met volle goesting genieten van een kamp in een ongedwongen sfeer. Ze lieten zich onderdompelen in andere vrijetijdsactiviteiten, dachten ondertussen na over hun eigen gamegedrag en bouwden real life contacten op met andere gamers.

Tijdens de kennismakingsdag, in de mooie omgeving van de avonturenberg van Be-mine, werd veel aandacht besteed aan groepsdynamiek en samenwerking. De toon was snel gezet met veel gelach en herkenning bij elkaar; de groep vormde zich en niemand werd uitgesloten. Dit laatste was ook meteen één van de belangrijkste voorwaarden waar we als begeleiding over waakten: samenhorigheid en aangenaam samenzijn. We sloten de dag af met een docufilm over E-sports. Deze deed hen stilstaan bij de zwaarte en de last van een leven aan de top van de gamewereld. Niet iedereen droomt van een toppositie hierin, maar het was wel herkenbaar.

De tweede dag werd sportief gestart in de lokale sporthal. De uitdaging van het sporten op zich, zonder competitie-element, is voor velen een leuke opsteker. Eén van de gasten heeft zijn feeling met het badmintonnen herontdekt. Een ander uitte de wens om meer gevechtssporten uit te proberen. Alle verplaatsingen gebeurden per fiets wat een ideaal moment was om een individueel gesprek met de gasten te hebben. De sportieve kaart werd doorheen het hele kamp getrokken. Zo kwamen nog een uitstap naar het zwembad en een muurklimactiviteit aan bod. Dit laatste was voor velen een persoonlijke overwinning. Ze overwonnen de twijfels en angst voor het onbekende en hadden vertrouwen in anderen en het touw.

Schitterende game-ervaringen kwamen terug in een spel met lasergeweren. De gasten speelden een first person shooter game in real life na, zowel in het bos als in het doolhof op C-mine te Genk. De groep had zich ondertussen goed gevormd, wat van pas kwam tijdens een ontsnappingsspel in een escaperoom te Genk waar teamwork voorop stond.

Naast al deze geplande activiteiten vulden de gasten de vrije momenten met hun smartphone, kleine spelletjes spelen met elkaar, filmpjes uitwisselen en grappige dingen delen. Dit was een extra bindende factor. De aanwezigheid van smartphones (en wifi) gaf een meerwaarde voor onze gasten gezien een deel van hun expressie gelinkt is aan het internet.

Er werd twee keer een sessie van 2 uur voorzien waarbij ze echt konden gamen. Hierin werden games uitgewisseld, filmpjes bekeken en samengespeeld. Het bleek achteraf zeker niet het meest memorabele moment van het kamp. Hun herinneringen liggen bij het samenzijn, de activiteiten en plezier maken maar zeker ook bij de gemaakte vriendschappen en de onbewaakte momenten in de slaapkamers.
Ondertussen staan de jongeren nog met elkaar in contact via een besloten Facebookgroep en stimuleren we hen om samen offline activiteiten te ondernemen.

Met deze eerste ervaringen in het achterhoofd, kijken we alvast uit naar het tweede kamp dat plaatsvindt in de grote vakantie van 7 tem 11 augustus.

Dimitru Das en Huub Boonen

14 MAA 2017

Syntheserapport leerlingenbevraging 2015-2016: Alcoholgebruik daalt voor het eerst bij +16-jarigen

Al bijna twee decennia lang, voert VAD jaarlijks een representatieve studie uit over middelengebruik, gokken en gamen bij leerlingen uit het secundair onderwijs. De resultaten van de leerlingenbevraging 2015-2016 bevestigen vooral de trends van de afgelopen jaren, maar brengen ook enkele aandachtspunten naar boven: de kennis over en naleving van de wetgeving kan beter, alcoholgebruik blijft dalende en leerlingen uit de B-stroom en het BSO gebruiken over het algemeen meer.

Sinds het schooljaar 2000-2001 organiseert het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD) jaarlijks een leerlingenbevraging over alcohol, tabak, illegale drugs, psychoactieve medicatie, gokken en gamen bij jongeren in het secundair onderwijs. Jaarlijks bundelt VAD de resultaten van de leerlingenbevraging in een syntheserapport, representatief voor Vlaamse jongeren in het secundair onderwijs. Vandaag wordt het rapport van het schooljaar 2015-2016 gepresenteerd, waarvoor 27.146 leerlingen uit 63 verschillende scholen anoniem deelnamen aan de bevraging.

Tabak: ooit-gebruik daalt, laatstejaarsgebruik niet

19% van de leerlingen uit het secundair onderwijs heeft het afgelopen jaar tabak gebruikt. Na een piek in het schooljaar 2013-2014, heeft het laatstejaarsgebruik bij de verschillende leeftijdsgroepen een dalende trend ingezet. Maar de cijfers blijven hoog. De evolutie tijdens het voorbije decennium toont dat de cijfers gelijk blijven: voor de twee hoogste leeftijdsgroepen verschillen de huidige cijfers niet substantieel van die van het schooljaar 2005-2006.

De gemiddelde leeftijd waarop jongeren voor het eerst een sigaret roken is lichtjes gedaald (14,6 jaar). Maar er is een substantiële groep die op latere leeftijd nog begint met roken: 31% is 16 jaar of ouder bij de eerste sigaret. Het aantal rokers neemt ook gradueel toe bij het ouder worden. Tabakspreventie in het secundair onderwijs moet daarom gericht zijn op alle graden.

Bij de -16-jarigen, aan wie tabak niet mag verkocht worden, zegt 14% ooit een sigaret te hebben gerookt, en zegt 41% gemakkelijk aan tabak te kunnen geraken. Aangezien de kennis van de wetgeving over verkoop van tabaksproducten jaar na jaar licht achteruit gaat, dringt vernieuwde aandacht voor de geldende wetgeving zich op.

Alcohol: nu ook bij oudere leerlingen meer nuchterheid

Alcoholgebruik is nog steeds een vrij algemeen voorkomend fenomeen, toch wordt de laatste jaren duidelijk dat het gebruik van alcohol op de terugweg is. Deze dalende trend in alcoholgebruik is nu ook voor het eerst te zien bij oudere leerlingen.

Een decennium geleden was het ooit-gebruik van alcohol bij min-16-jarigen veeleer de regel dan de uitzondering. Ondanks de specifieke risico’s die verbonden zijn aan alcoholgebruik op jonge leeftijd, zei 77% van de min-16-jarigen in het schooljaar 2005-2006 ooit alcohol te hebben gedronken. Anno 2015-2016 is dat aandeel gedaald tot 45% van de min-16-jarigen. Een duidelijk dalende trend die vanaf begin 2010 verder werd ondersteund door een wetswijziging, die stelde dat het verboden is alcoholische dranken te verkopen, schenken of aanbieden aan jongeren onder de 16 jaar.

De vaststelling dat steeds meer jongeren het drinken van alcohol uitstellen, is ook af te leiden uit de stijgende beginleeftijd voor alcoholgebruik. Tussen 2010-2011 en 2015-2016 is die gestegen met bijna een jaar, van 13 jaar en 7 maanden naar 14 jaar en 5 maanden.

In het schooljaar 2015-2016 daalde ook voor het eerst het ooitgebruik en laatstejaarsgebruik bij oudere leerlingen. Een dergelijke daling is ook waarneembaar voor andere gebruikspatronen, de meeste zelfs sinds geruimere tijd:

  • Het regelmatige gebruik van alcohol kent in de voorbije tien jaren een duidelijke daling, van 46% in 2005-2006 naar 31% in 2015-2016.
  • Het regelmatig gebruik van sterkedrank daalt voor het eerst duidelijk onder de 10%, na drie jaren van stagnatie. In vergelijking met het schooljaar 2008-2009 is het aandeel regelmatige gebruikers van sterkedrank bijna gehalveerd (van 15% naar 8%).
  • Het aandeel 17- tot 18-jarigen dat minstens één keer per maand aan bingedrinken doet, daalt in de drie laatste schooljaren van 38% naar 31%
  • Wat het eerder subjectieve gegeven van zich dronken voelen betreft, treedt na enkele jaren van aanhoudende stijging nu voor het eerst een duidelijke daling in bij de 17- tot 18-jarigen.

Niet enkel bij de oudere leerlingen zijn de evoluties gunstig, ook bij de jongere leerlingen zijn er positieve resultaten. Naarmate het ooit-gebruik en laatstejaarsgebruik bij de 12- tot 14- jarigen alsmaar daalt, stijgt ook het belang van motief ‘ik drink geen alcohol omdat het wettelijk verboden is’ steeds meer.

Het ziet er dus naar uit dat de positieve tendensen met betrekking tot alcoholgebruik niet langer beperkt blijven tot de jongste leerlingen, maar nu ook ingang vinden bij de oudere leerlingen.

Illegale drugs: geen kentering in zicht

Cannabis blijft van de illegale drugs duidelijk het meest gebruikte middel. Eén op de negen leerlingen (11%) geeft aan in het voorgaande jaar cannabis te hebben gebruikt, wat iets minder is dan de twee schooljaren daarvoor. Op langere termijn is er echter geen daling merkbaar, eerder een stabilisering. Anderzijds verwachten minder leerlingen dat hun vriendengroep cannabisgebruik zou goedkeuren, en geven alsmaar minder leerlingen aan makkelijk aan cannabis te kunnen geraken. De hernieuwde stijging van cannabisgebruik bij de oudste leerlingen en bij de leerlingen uit het BSO dient verder gemonitord te worden.

Andere illegale middelen worden eerder zelden gebruikt. Amper 4% heeft ooit een andere illegale drug gebruikt. Xtc en cocaïne zijn de meest gebruikte middelen. Xtc leek een aantal jaren geleden op terugweg, maar wordt recent weer iets meer gebruikt in het uitgaansleven. De toekomstige resultaten van de leerlingenbevraging zullen uitwijzen of het xtc-gebruik zich ook bij leerlingen in het secundair onderwijs terug sterker manifesteert.

Gokken: sportweddenschappen onder de radar van de wet?

Gokken is geen breed voorkomend fenomeen onder Vlaamse leerlingen. Er is ook geen stijging of daling waarneembaar over de laatste drie schooljaren heen. Toch moet gokken gemonitord blijven worden in het kader van wettelijke restricties. Hoewel 18 jaar de wettelijk vereiste leeftijd voor sportweddenschappen is, speelde 5% van de minderjarige leerlingen in het laatste jaar op sportweddenschappen.

Specifieke aandacht voor B-stroom en BSO

De verschillende vormen en uitingen van middelengebruik doen zich overal voor. Toch springen de B-stroom en het BSO op een aantal vlakken sterker in het oog als het op gebruik aankomt. Dat geldt voor dagelijks roken, voor dronkenschap in het voorgaande jaar, voor gebruik van ADHD-medicatie en voor mogelijks risicovol gamen. De oorzaken van deze verschillen zijn complex en het is niet de bedoeling om de leerlingen uit de B-stroom en het BSO te stigmatiseren. Zo speelt ook mee dat leerlingen in de B-stroom en het BSO gemiddeld iets ouder zijn dan die in de A-stroom en uit ASO en TSO. Deze vaststellingen leiden tot de aanbeveling om preventie rond deze thema’s nadrukkelijker aan bod te laten komen in de vakoverschrijdende eindtermen.

We blijven uitgebreide aandacht hebben voor tabak, alcohol en drugs en betrekken hierbij levensdomeinen zoals werk, school en vrije tijd. Tenslotte is Health in all policies. Het uiteindelijke doel is dat de Vlaming in 2025 gezonder leeft.

Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

 

Gezondheidsdoelstellingen: een goed rapport

In 2006 formuleerde de Vlaamse overheid vier gezondheidsdoelstellingen met betrekking tot het gebruik van tabak, alcohol en illegale drugs, met als eindmeet 2015. Op basis van de resultaten van de leerlingenbevraging 2015-2016 blijken drie doelstellingen behaald te zijn, dankzij positieve tendensen over de laatste jaren heen:

  • Bij personen jonger dan 16 jaar is het percentage dat het afgelopen jaar heeft gerookt niet hoger dan 11% (2015-2016: 10%).
  • Bij personen jonger dan 16 jaar is het percentage dat meer dan 1 keer per maand alcohol drinkt niet hoger dan 20% (2015-2016: 11%).
  • Bij personen jonger dan 18 jaar is het percentage dat ooit een illegale drug heeft gebruikt niet hoger dan 14% (2015-2016: 13%).

Eén gezondheidsdoelstelling werd niet bereikt:

  • Bij personen jonger dan 18 jaar is het percentage dat in het jaar voor de bevraging een illegale drug heeft gebruikt niet hoger dan 7% (2015-2016: 10%).

Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin: “Op de gezondheidsconferentie van december 2016 werden de gezondheidsdoelstellingen hernieuwd. We blijven uitgebreide aandacht hebben voor tabak, alcohol en drugs en betrekken hierbij levensdomeinen zoals werk, school en vrije tijd. Tenslotte is Health in all policies. Het uiteindelijke doel is dat de Vlaming in 2025 gezonder leeft”.

Meer resultaten rond tabak, alcohol en illegale drugs, alsook rond psychoactieve medicatie, gokken, gamen en middelengebruik in de leefwereld van jongeren, lees je in het rapport.

 

Bron: Johan Rosiers - VAD